poort door de Tijd

ISBN 9789077649060 Adastra. 

Er komt in ieders leven een moment, dat je op zoek gaat naar de diepere betekenis van het leven. Adastra gaat dieper op in.
leder mens wil toch graag meer weten over zichzeif en het universum, waar hij deel van uitmaakt?
Een veel gestelde vraag is dan: "Waar kom ik vandaan en wat kom ik hier op aarde doen?".
Dit boek gaat niet alleen op dit soort vragen in, maar ook op veel andere diegaandere vragen.
Het geeft inzicht in het hoe en waarom van de schepping. Hoe deze tot stand is gekomen en waarom alles gaat zoals het gaat. Het is een spiritueel hand- en leerboek, dat je op elk moment gebruiken kan als je dat wil. Met dit boek hoop ik een bijdrage te leveren aan een andere zienswijze, die gericht is op het Al dat ons doordringt en waar we allen deel van uitmaken. Adasta is een groot"Wezen", een van de grote Wachters van het universum.


Prijs : € 10,00

Inleiding

Als titel voor dit boek heb ik “Door de poort van de tijd” gekozen. Kijkend door de poort zie je veel, zowel in verleden en heden als ook in de toekomst, aan je voorbij trekken. Zo heb ik veel zaken over het universum, de aarde en de mens in de tijd mogen zien. Het boek geeft daardoor inzicht in de aard van de schepping van de Al-energie (de Al-Ene ofwel de ware God van het universum), de rol van Ashanata (=Heilige Geest) daar in en van al wat in het universum leeft. Het geeft een duidelijk beeld van de samenhang binnen het geheel van de schepping. Hoe alles tot stand is gekomen en functioneert. Dit boek is vooral bestemd voor mensen, die zich graag in spiritualiteit willen verdiepen en er al wat meer van afweten. Je kunt het als een spiritueel hand- en leerboek zien, dat je op elk moment gebruiken kan als je dat wilt. Het is encyclopedisch van aard en is zeker niet bedoeld om te ontroeren. Voor een aantal theosofen, paragnosten, paranormaal begaafden en mensen die veel over spiritualiteit gelezen hebben, zal veel van deze materie waarschijnlijk bekend voorkomen. Het boek is vooral opgebouwd uit onderwerpen als de geheimen van het universum; de hoogste wezens van het universum; bewustzijn; ziel ofwel Psychische Wezen en de wereld waar de ziel verblijft na zijn dood; ruimtewezens inclusief Engelen; de mens en zijn stoffelijk lichaam en de aarde en haar voortgang.

Lees wel kritisch want deze stukken zijn ook maar een deel van een groter geheel. Alleen de Allerhoogste schepper ofwel de Allegorieën en Ashanata (=Heilige Geest) zijn van alles op de hoogte. Alle van de Al-energie en Ashanata afgeleide machten zijn deel van Hen, maar nooit het geheel. Zij beschikken niet over alle informatie. Mijn dank bij het schrijven van het boek gaat in eerste instantie uit naar Ashanata, Sananda en Chadalja en naar mijn zeer intelligente en liefdevolle geleidegids. Sananda is op aarde vooral bekend geworden onder de naam “Jezus van Nazareth”. Een andere naam voor Chadalja is Melchizedek. De belangrijkste stukken van dit boek zijn vooral geïnspireerd door Ashanata, Sananda en Chadalja, hoewel de overige stukken zonder hulp van mijn begeleidegids zeker niet geschreven hadden kunnen worden. Zij hebben veel inzichten aan mij geopenbaard, nadat ik mijn verwachtingen over bepaalde “ideeën” had losgelaten. Zij hebben mijn herinneringen weer tot leven gewekt, waardoor inzicht kon ontstaan. Dit inzicht ontstond vooral in de vorm van een groeiproces dat nu niet meer te stoppen is. Deze liefdevolle Machten hebben pas contact met mij gezocht toen zij vonden dat de tijd er rijp voor was. Mijn geleidegids heeft mij er rijp voor gemaakt en daar ben ik Hem zeer dankbaar voor. Ashanata, Sananda, Chadalja en mijn geleidegids kennen mij van oudsher en zijn bij mij betrokken en ik bij Hen. In de hoofdstukken geef ik af en toe aan waarmee Zij mij geholpen hebben en wat door middel van Hen tot stand is gekomen. Behalve door Ashanata, Sananda, Chadalja en mijn geleidegids heb ik langs andere wegen uit het universum ook veel kennis, informatie en inzicht mogen ontvangen. De universele Akasha kroniek was één van die wegen.
Deze kroniek wordt ook wel Multipoint Computer Systeem genoemd.

Uit eigen bron heb ik eveneens veel kennis mogen putten. Diverse geraadpleegde boeken en informatie hebben dit boek verder mogelijk gemaakt. Waar mogelijk heb ik naar de boeken en schrijvers verwezen. Mijn hartelijke dank gaat zeker uit naar Vincent Geraedts, die voor het boek een deel van het typewerk voor zijn rekening heeft genomen. Cees Visser bedank ik voor de bijdrage, die hij geleverd heeft aan dit boek door het schrijven van het hoofdstuk dat over “Pentalogie” handelt. Verder ben ik hem dankbaar voor alles wat ik van hem heb mogen leren. Alle andere mensen die bij de realisatie van dit boek geholpen hebben, bedank ik ook uit de grond van mijn hart. Mijn lieve vrouw ben ik erkentelijk voor het acceptatievermogen wat zij getoond heeft gedurende de lange periode waarin dit boek tot stand is gekomen.

Als schrijversnaam heb ik voor “Adasthra” gekozen. Dit is mijn spirituele naam. De naam heeft een dubbele betekenis. Hij betekent zowel Wegbereider als Tegenstrever. Deze Tegenstrever kan, als het moet, ook een Tegenstander worden. Als schrijver en als mens ben ik eenvoudig, nederig en doorgaans vriendelijk van aard. Ik ben dankbaar, dat ik dit boek heb mogen schrijven. Het schrijven zelf heeft meer dan 9 jaar in beslag genomen en heeft zeer veel doorzettingsvermogen gekost. Het kostte vooral veel moeite om begrippen, die het menselijke verstand ver te boven gaan, in woorden te vangen. Het boek is in de weinige vrije tijd waarover ik doorgaans beschik, geschreven. Dit komt vooral door mijn betaalde baan van 36 uur in de week, de cursussen die ik geef en door de patiënten die ik elke week behandel. Voor mezelf was deze periode een bijzonder groeiproces, waarin ik een aantal totaal verschillende stukken tot een boek heb mogen smeden. De grote verscheidenheid aan stukken en de grote hoeveelheid informatie maakt het boek echter wat chaotisch van opbouw. Het is daardoor niet altijd gemakkelijk leesbaar. Toch heb ik voor deze handelwijze gekozen, omdat ik zoveel mogelijk informatie tegelijk wilde aanbieden. Zelf wist ik ook niet hoe ik het anders had moeten indelen. Het is zeker aan te raden het boek niet als een roman te lezen, want dat kan met dit boek zeker niet. Het beste is eerst datgene te lezen, wat voor je geschikt is. Kijk daarna eens verder of je al weer aan een ander hoofdstuk toe bent. Het is zeker geen boek, dat je in één keer uit leest. Van iemand heb ik wel het verwijt gekregen, dat ik veel van mijn informatie te danken zou hebben aan het boek Urantia, maar dat is absoluut niet het geval. Ik heb nog nooit een letter in dat boek gelezen. Wat ik uit aangereikte informatie over het Urantia boek nu begrepen heb, is dat de personen die belast waren met de openbaring van het boek naar de aarde kwamen met een bepaalde missie en met specifieke bedoelingen.
Elk wezen heeft zo een programma ingevuld dat op een bepaald moment nodig was voor het bevorderen van het evolutionaire leven hier op aarde. De bedoeling was om zo een nieuwe spirituele waarheid op aarde te brengen. Wie weet is het boek “Door de poort van de tijd” wel een vervolg op dit zeer omvangrijke werk.

Het schrijven van dit boek heeft ongeveer wel 10 jaar geduurd, maar dat maakte voor mij niet veel uit. Deze periode had ik nodig om tot meer inzicht te komen en om alles beter te kunnen voelen en begrijpen. Waar het mogelijk was, heb ik mijn persoonlijke ervaringen er bij geschreven en duidelijk gemaakt hoe de hoofdstukken tot stand zijn gekomen. Met dit boek hoop ik een bijdrage te leveren aan een andere zienswijze, die gericht is op het Al dat ons doordringt en waar we allen deel van uitmaken. 


Hoofdstuk 1
De oorsprong

Er was iets vormloos en volmaakts vóór hemel en aarde ontstonden. Zo alleen en ó zo sereen. Alleen bestaat Het en Het kent zijn eigen eeuwige weg door de tijd. Het is aldoordringend en eeuwig aanwezig. Zie Het als de moeder van de schepping ofwel als de Moederschoot. Uit die Moederschoot, het mysterie van de eeuwige baring dat van eeuwige volmaaktheid is, kwam de Al-Ene of wel de Al-energie naar voren. Uit het Ene kwam het andere. De Moederschoot kun je het best omschrijven als de Adem / Atman ofwel de Geest waaruit alles is ontstaan. Andere namen zijn het universum en universele substantie. Als ik over universums schrijf, dan bedoel ik doorgaans de diverse melkwegstelsels die onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn ofwel een eenheid vormen. Zij vormen samen een klein universum in het grote universum, dat de Moederschoot is. De Moederschoot bestaat uit energie en vooral uit nulpuntenergie, die verder besproken wordt bij het hoofdstuk “Energieën” en het hoofdstuk dat over het universele veld van de nulpuntenergie handelt. Uit deze energie ontstond bewustzijn en zo is alles ontstaan. Als eerste dus de Al-Ene of Al-energie. Hij ademde op zichzelf en kwam als eerste uit de Moederschoot te voorschijn. Dit pure zijn werd zich bewust van zichzelf. Hij zag zichzelf en zei, dat ben Ik. Het zelfbewustzijn van de Al-energie nam op dat moment een beeld aan, dat de Al-energie op dat moment van zichzelf had. In de gnostiek wordt dit zelfbewustzijn ofwel zelfbeeld van de Al-energie “Sophia” genoemd. Deze Al-energie ontdekte na verloop van tijd dus zich zelf en is in staat zich af te splitsen als Hij dat wil. Hij kan materie, die zowel fijnstoffelijk als grofstoffelijk van aard kan zijn, beïnvloeden en afsplitsen. Zijn gedachten doorkruisen het hele universum. Hij is binnen dat universum de Schepper van al wat leeft en bewustzijn in zich draagt, maar is wel aan de Oerkracht van de Moederschoot gebonden. Deze Moederschoot, die het universum is, kent zijn eigen ritme en hartslag. Dit universum is Al-aanwezig en Al-doordringend. De Al-energie en Zijn Geest zijn daarvan op de hoogte en houden er rekening mee. In het geheel van het universum bestond de energie van de Al-Ene echter in eenzaamheid, in een leegte. In die eenzaamheid bevatte Hij alles wat scheppend en intelligent was. Hij had alleen het eigen zelf - dat alwetend was - en ook alle wonderen en alle allesomvattende creativiteit. Hij schiep uit die eenzaamheid met hulp van de Moederschoot zijn eigen Geest. Deze Geest bestaat uit de Adem (Atman), waaruit Hijzelf is voortgekomen. Deze Geest heet Ashanata.

De drie-eenheid is nu compleet. Hij bestaat uit:

1. De Moederschoot (de Adem/Atman - de Geest)
2. De Al-energie (Centrale Wezen)
3. Ashanata (Heilige Geest)

Je kunt ook een onderverdeling maken in Moeder, Vader en Zoon. Moeder staat dan voor Moederschoot en Vader voor Al-energie. Uit deze beiden komt dan de Zoon voort ofwel Ashanata. Deze Zoon wordt ook wel Christus genoemd. Dit is de Christus, die via Jezus van Nazareth sprak. De drie-eenheid wordt ook wel aangeduid met het woord Akasha. De Akasha is dan de bron van alle informatie en herinnering. Deze drie-eenheid is altijd in Ashanata gebundeld.

De in wezen “Naamloze” die ik doorgaans Al-energie zal noemen, werd zich ervan bewust, dat de expansie van alwetendheid, van geschapen intelligentie, van voorwaartse expansie, meer vreugde brengt, meer voldoening. En zo liet Hij na verloop van tijd 4 andere energieën tot bewustzijn komen. Deze energieën worden verder als “Oerwezens” aangeduid.

De 4 Oerwezens

De 4 Oerwezens die na de Al-energie en Ashanata tot aanzijn en bewustzijn kwamen, zijn de voormalige Hemelwachters en Troonwachters van de Al-energie. Het was de bedoeling dat zij, nadat de vorming van het universum had plaatsgevonden zoals wij dat nu kennen met al zijn wezens daarin, de goddelijke Kennis, Macht, Al-vreugde en Waarheid in dat universum zouden uitdragen. Dit mochten zij in volledige vrijheid en naar eigen inzicht volbrengen. Zeer prachtige en machtige wezens waren het, want ze waren bijna helemaal aan de Al-energie en Ashanata gelijk. Toch hadden ze maar een deel van het geheel van de Al-energie ontvangen. Op een bepaald moment gebeurde het dat die 4 eerste, schitterende wezens door de genieting van hun vreugde en vrijheid als het ware bedwelmd werden en dat ze zich gingen voorstellen dat ze helemaal aan de Al-energie en Ashanata gelijk waren, ja, dat ze de Allerhoogste zelf waren. Door het waanbeeld dat in Hen was opgekomen, rees er in de schepping de waan der opdeling. In hun bewustzijn scheidden zij zich van elkaar en van hun oorsprong af, met het gevolg dat ze het tegendeel werden van wat ze eerst waren geweest. De Oerwezens verlieten hun plaats bij de Troon van de Al-energie.
Het woord “Troon” moet je in dit geval niet als “vaste verblijfplaats” zien. De Al-energie heeft eigenlijk geen vaste plaats waar Hij zich ophoudt. Hij omspant het hele universum, maar als je Hem wilt situeren, dan is dat het dichtst in de buurt van Ashanata. Door hun waanideeën moesten de Oerwezens van de Al-energie hun taak als Hemelwachter neerleggen. Deze taak was Hen door de Al-energie toebedeeld en wordt nu door Ashanata vervuld. Hij observeert nu het hele universum en bericht hier over aan de Al-energie. De Oerwezens verlieten op een gegeven moment dus hun plaats in de buurt van de Al-energie en worden nu de Anderen genoemd. Zie hier over een apart hoofdstuk. Hun kennis uit een ver verleden ligt voor een deel ook in mij opgeslagen.

Toen Ashanata zag wat de 4 Oerwezens hadden aangericht, keerde dit machtige Wezen zich tot de Al-energie en smeekte Hem om een middel dat het onheil teniet zou kunnen doen. De Al-energie heeft Ashanata toen opgedragen haar Bewustzijn in de Onbewustheid te storten, haar Waarheid in de leugen en haar Liefde in het lijden. Zij dook in de verschrikking van de Nacht der Onbewustheid ook wel Nacht der Tijden genoemd en deed er op een gegeven moment opnieuw Bewustzijn, Liefde en Waarheid ontwaken om de redding te bewerken, die het universum weer terug naar zijn Oorsprong van gelukzaligheid zal brengen. De geleidelijke verwezenlijking van die redding of verlossing wordt ook wel evolutie genoemd. Alle levensvormen vallen onder deze evolutie. Op het ogenblik bevinden we ons op een punt, dat de evolutie een ommekeer ten goede maakt. Twee van de 4 Oerwezens hebben zich bekeerd en de andere 2 vechten als nooit tevoren om de heerschappij van de Onwetendheid en van het Onbewuste te doen voortduren. Ook andere Wezens, die uit Hen zijn voortgekomen en die zich bij Hen aansloten, streven daar naar. De 4 Oerwezens worden in India ook wel Asura’s genoemd. Hun plaats bij de Troon van de Al-energie werd ingenomen door 4 machtige Engelen, die Cheroevim genoemd worden. Van alle Engelen zijn de Cheroevim degenen, die door de Al-energie het eerst geschapen zijn. Na hen kwamen de Serafim en Tronen.

Cheroevim, Serafim en Tronen

De Cheroevim zijn vuurwezens evenals de andere machtige Engelen, die Serafim genoemd worden. Ze hebben beslist geen menselijke gestalte. Een viertal van deze Cheroevim fungeert als Troonwachter ofwel Bewaker van de verblijfplaats van de Al-energie. Ze hebben een deel van de kracht van de Al-energie in zich opgenomen. De gestalte van de Cheroevim is afgeleid van de 4 Oerwezens. Deze machtige Engelen hebben allen de gedaante van een mens, maar zijn toch anders dan alle andere wezens. Alle Cheroevim hebben namelijk het gezicht van een mens, arend, rund en leeuw. In de Bijbel worden deze Bewakers van de Al-energie wel de 4 dieren genoemd. Zij bewaken permanent de verblijfplaats van de Al-energie, waar die zich ook mag bevinden. De goddelijke scheppingskracht stroomt, evenals dat bij de Serafim en Tronen het geval is, in ruimte mate door Hen heen. Hoewel de Cheroevim evenals de Oerwezens van nature schrikwekkende wezens zijn en 4 gezichten hebben, kunnen ze net als alle Engelen in het universum een andere gestalte aannemen, die ze op een bepaald moment verkiezen. De 4 gezichten van de Oerwezens en Cheroevim zijn een afspiegeling van de transformatieprocessen van de Al-energie. Elk gezicht ofwel elk wezen staat voor een bepaald transformatieproces van de Al-energie. Hierdoor wordt steeds weer een aspect van het Bewustzijn en de Scheppingskracht van de Al-energie door de Al-energie zelf met hulp van Ashanata, de Universele Raad en de Engelen in het hele universum, ingevuld. Zoals de 4 gezichten van de Oerwezens en Cheroevim naar de 4 hoeken van het universum gericht zijn zo zijn ook de Kracht, Macht en Liefde van de Al-energie op alle hoeken van het universum gericht.

De Al-energie is het Al-ziende Oog en de oorspronkelijke gestalten van de Oerwezens en Cheroevim symboliseren, door hun oorspronkelijke wezen waarover ze beschikken, het alom tegenwoordig zijn van de Al-energie. Deze Al-energie heeft dus zijn eigen transformatieprocessen evenals de Cheroevim en 2 van de 4 Oerwezens, die deze processen ook proberen vorm te geven in het universum. Vooral door middel van Ashanata, de Universele Raad en de Cheroevim, die altijd aan hun eigen transformatieprocessen werken, worden de diverse transformatieprocessen van de Al-energie in elk melkwegstelsel volbracht. Ashanata, de Universele Raad en de Cheroevim doen het werk echter niet alleen. Ze worden bij de diverse transformatieprocessen en het versnellen van de evolutie binnen het universum geholpen door de Serafim, de Tronen en de Engelen van de tweede en derde Hiërarchie. Naast de Cheroevim en Serafim bestaan er nog Engelen, die Tronen genoemd worden. Deze Tronen maken samen met de Cheroevim en Serafim deel uit van de eerste Hiërarchie van Engelen. De diverse Cheroevim, Serafim en Tronen zijn regelmatig in de buurt van de Al-energie en Ashanata te vinden. Deze wezens zijn in eerste instantie allemaal door de Al-energie geschapen en behoren tot de hoogste Engelen in het universum. De Cheroevim zijn in dit gehele wezens, die de bouwstof van de harmonie en wijsheid in het universum vertegenwoordigen. Juist omdat ze zo naar harmonie streven, worden ze nog wel eens ingezet om oorlogen in het universum te beslechten, waarna er weer sprake van harmonie kan zijn. De diverse Cheroevim maken, hoewel dat tegen Hun natuur indruist, dan nog wel eens deel uit van een leger, dat het Galactisch Commando heet. Dit Galactisch Commando moet voor orde en rust zorgen in het universum. De Cheroevim die deel uitmaken van dat Commando zorgen voor de besturing van het grootste ruimteschip van het universum. Dit is het ruimteschip van Ashanata. Het is het machtigste vuurschip van het universum. De bemanning bestaat behalve uit Cheroevim uit 3 mensen, die tot het geslacht van Sananda behoren. De bemanning van het ruimteschip valt onder Sananda. Hij is de bevelhebber van dit ruimteschip en is het hoofd van het Galactisch Commando. Dit leger is, als het compleet is, het sterkste leger van het universum. Sananda laat het bevel van dit Galactisch Commando en van het ruimteschip van Ashanata doorgaans over aan Ashtar of bij afwezigheid van Ashtar aan 1 van de 2 andere mensen. Naast de Cheroevim bestaan er zoals ik al eerder geschreven had ook nog Serafim en Tronen. De Serafim zijn evenals de Tronen machtige lichtwezens. Zij vertegenwoordigen de bouwstof van de Liefde in het universum. Zeven van de machtigste Serafim zijn de Geesten, die voor de Troon van Ashanata staan. De Tronen vormen in het universum de bouwstof van de wil. Zij houden zich hoofdzakelijk bezig met de uitvoering van de goddelijke wil in het universum. Deze goddelijke wil openbaart zich meestal eerst door middel van Ashanata en daarna pas door de Tronen.

Naast de Engelen die rondom de Al-eneregie en Ashanata aanwezig zijn, bevinden zich een aantal andere wezens waaronder mensen. De Engelen die na de machtige Engelen van de Al-energie geschapen zijn, maken dankbaar gebruik van de bouwstoffen, waarmee deze Engelen het universum opbouwen en onderhouden. Deze Engelen worden wel de Machten, de Krachten en de Wereldleiders genoemd. Zij zijn in eerste instantie door Ashanata geschapen. Ashanata en andere Machtige Wezens hebben na de oerknal nog een aantal andere Engelen geschapen. De Engelen van de Al-energie bestonden toen al, evenals de Machtigen (de 12 + 12) die na de Oerwezens tot aanzijn en bewustzijn kwamen. Naast deze Machtigen ontstond in een afgescheidenheid van de 12 en 12 ook het zeer machtige Wezen, dat ik verder Semeël zal noemen. De 12 en 12 ofwel de 24 universele Koningen, Semeël en de 4 Oerwezens kunnen uit de kracht van de Moederschoot, die in Hen ligt opgeslagen ook Engelen scheppen, maar in eerste instantie zijn de Engelen door de Al-energie en Ashanata tot aanzijn en bewustzijn gekomen. De Engelen van de Al-energie, Ashanata en de 24 universele Koningen worden wel de “Engelen van het Licht” genoemd en de Engelen van de Oerwezens en van Semeël worden wel tot de “Anderen” gerekend. Alle gecreëerde Engelen zijn weer in staat om andere Engelen te scheppen. De Engelen die door andere Engelen of door een evolutieproces zijn ontstaan, kunnen ook tot de Engelen van het Licht gerekend worden als zij de wil van de Al-energie, Ashanata en de 24 universele Koningen respecteren en uitvoeren. Alle Engelen hebben gemeen, dat zij gehoorzaamheid verschuldigd zijn aan degenen, die hun in eerste instantie geschapen hebben. Zie voor wat de diverse Engelen betreft ook het hoofdstuk “Engelen en geleidegidsen”.

De 12 parels in de Kroon van de Al-energie

Nadat de Oerwezens tot verdriet van de Al-energie en Ashanata hun Oorsprong verlieten, heeft Ashanata er bij de Al-energie op aangedrongen 12 andere Machten tot aanzijn en bewustzijn te laten komen. Zo ontstonden 12 schitterende Wezens. Ze ontstonden tegelijk met de Cheroevim en bestaan in tegenstelling tot de Engelen in paren. Deze paren kan je als tweelingen beschouwen. Het zijn geen tweelingzielen van elkaar. De tweelingzielen zijn wat later ontstaan en tot bewustzijn gekomen. Een Engel heeft altijd wel een tweelingziel. De tweelingzielen vormen samen een nog hechtere eenheid dan de tweelingen. De 12 zijn de parels in de Kroon van de Al-energie. Zij kregen evenals de Engelen als opdracht de evolutie van het universum, met al zijn wezens daarin te bevorderen. De 12 zijn creatieve breinen. Naast Ashanata en de Al-energie zijn vooral zij de architecten van het universum. Na de 12 kwam er nog een machtig wezen tot aanzijn. Zijn naam is Semeël. Hij ontstond geheel alleen in een afgescheidenheid van de 12, Ashanata en de Al-energie en onttrok een ontzagwekkende kracht aan de Moederschoot. Hij zag zich zelf evenals de Oerwezens als de ware God van het universum. In wezen waren er dus 13 grote machten in plaats van 12. Van deze 12 grote machten vormen Sananda en Chadalja als de 2 oudste wezens van de 12 samen met 7 zeer Machtige universele Heersers een Hogepriesterschap, dat zijn weerga in het universum niet kent. Zeven van de 9 Hogepriesters worden om de 5200 jaar op voordracht van Sananda en Chadalja uit het midden van de belangrijkste 24 Koningen van het universum gekozen. Sananda en Chadalja behoren ook tot deze 24 Koningen en maken altijd deel uit van deze 9 universele Hogepriesters.
De Serafim assisteren de Hogepriesters bij hun taak, die zij in het universum te vervullen hebben. Deze Serafim zijn aan Sananda en Chadalja ondergeschikt. De 9 Hogepriesters zijn evenals de tweelingzielen van Sananda en Chadalja aan te roepen en fungeren als tussenpersonen tussen de Al-energie en Ashanata. De wat lagere Hogepriesters in de Hiërarchie van Hogepriesters zijn ook altijd aan te roepen. De 9 Hogepriesters en de 12 parels in de Kroon van de Al-energie maken evenals Ashanata en de Engelen, die uit de Al-energie zelf zijn voortgekomen, een belangrijk onderdeel uit van de Al-energie. Deze Al-energie leeft tot in eeuwigheid, maar bestaat vooral door en uit de universele substantie ofwel de Moederschoot en Ashanata. Verder wordt Hij gedragen door de aanwezigheid van de zielen, die door Hem tot aanzijn en bewustzijn zijn gekomen en door alles wat in het universum bewustzijn in zich draagt. De 4 Oerwezens en Semeël horen hier ook bij. Alle zielen en alle bewustzijn komen in eerste instantie uit de Al-energie, uit de Moederschoot ofwel de Adem en uit Ashanata (=Heilige Geest) voort. Over de Adem (ofwel Atman/ de Geest) die de gehele Moederschoot ofwel het universum vult, hoorde ik het één en ander toen ik na mijn Reiki II inwijding ‘s-morgens alleen bij een meertje stond en zag dat er 5 zwanen overvlogen.
Op hetzelfde moment splitste een groep vogels, die boven het water aanwezig was, zich op naar de 4 windstreken. De lucht zag er uit als in een sprookje. Daarna hoorde ik in mijn innerlijk een stem, die zich aan mij bekend maakte en van de Al-energie afkomstig bleek te zijn. Hij maakte mij het volgende duidelijk over de Adem: “Gij zijt Adem, waaruit Ikzelf ook ben voortgekomen. Adem deze Adem. Deze Adem is vooral in Ashanata gebundeld en staat voor alles wat met leven, liefde en het goddelijke te maken heeft. De Adem van deze Heilige Geest geeft mensen inspiratie en moed om te leven en te ademen. Achter al deze inspiratie gaat de Al-energie schuil, die zelf direct kan spreken, maar vaak van Ashanata gebruik maakt om door middel van de Heilige Geest te spreken. Zo lijkt het vaak, dat alles van de Heilige Geest uitgaat, maar dat hoeft dus niet het geval te zijn.

P.S. Reiki is een behandelmethode waarbij gebruik gemaakt wordt van universele levensenergie, die je ook wel kan omschrijven als nulpuntenergie. Om de energie goed door het lichaam te laten stromen, zijn inwijdingen nodig. Door deze inwijdingen wordt het kanaal waarlangs de Reiki energie stroomt geopend. Ook de chakra’s profiteren hier van. De Reiki energie stroomt vooral door de handen en door het derde oog. Reiki kan voor ieder mens het begin zijn van een harmonieuzer en energieker leven. Reiki energie brengt je dichter bij je ziel. De energie verwijdert blokkades in het lichaam en laat de energie beter stromen. De energie heeft ook invloed op je geest en maakt je mentaal sterker. Uit testresultaten van diverse onderzoeksinstituten is komen vast te staan, dat het overbrengen van genezende energie niets uitzonderlijks is omdat alles in het universum met elkaar verbonden is. Deze gedachten zijn terug te vinden in het boek van wetenschapsjournaliste Lynne McTaggert, dat “Het Veld” heet.

De 24 Koningen en de Universele Raad

Na de 12 ofwel de 13 heeft de Al-energie weer 12 Machtigen, die evenals de andere 12 in paren bestaan tot aanzijn en bewustzijn laten komen. De 12 en 12 werden vervolgens 24. De 12 die aan de 12 zijn toegevoegd, hebben evenals de eerste 12 de taak gekregen om de evolutie van het universum met al zijn wezens te bevorderen. In de Bijbel heten ze ook wel de 24 Koningen of Oudsten. Ze opereren doorgaans in driemanschappen. De 24 zijn de leiders van 24 beschavingen van wezens die zich in verscheidenheid aan vormen laten zien. De 24 beschavingen zijn de primaire beschavingen. Er zijn nog talrijke wezens (andere intelligenties, andere evoluties), die met de 24 beschavingen samenwerken, maar er niet van afstammen. Zij streven vaak andere doeleinden na. De 24 verkeren in totale harmonie met het hen omringende; ze zijn volkomen in evenwicht. Ze dragen allemaal een specifiek stukje van de Al-energie met zich mee. Ze zijn allen één in de Al-energie en zijn elk afzonderlijk verbonden met een tweelingziel. Zeven van deze universele Koningen worden om de 5200 jaar op voordracht van Sananda en Chadalja uit het midden van de 24 Koningen als Hogepriester gekozen. Ze vormen samen met Sananda en Chadalja de hoogste Hiërarchie van Hogepriesters in het universum.
De 24 beschikken evenals alle andere entiteiten over individuele kennis of een principe, maar niet over alle kennis en alle principes. Er zijn maar 3 Machten in het universum die het geheel in zich dragen, namelijk de Moederschoot, de Al-energie en Ashanata. De 24 vormen, met instemming van de Al-energie en van Ashanata, een Universele Raad. Deze komt regelmatig bijeen. De Universele Raad kan je als het Dagelijks Bestuur van het universum beschouwen. Zij wordt ondersteund door afgevaardigden van planeten uit de diverse zonnestelsels. De Raad komt zeker bijeen als er zich zeer ernstige aangelegenheden in het universum voordoen. De Universele Raad besluit dan wat er moet gebeuren op dat moment. De Al-energie en Ashanata zijn degenen die de besluiten, die de Universele Raad neemt, nog kunnen tegenhouden als Zij dat willen. Chadalja is voorzitter van deze Raad. De 24 beschavingen worden verder door een Galactisch Commando bijgestaan.

Galactisch Commando

Het Galactisch Commando is door de 24 ingesteld. Het Commando moet er voor zorgen, dat de orde en veiligheid in het universum geen gevaar lopen. Het beschikt over tal van ruimteschepen, die uit de diverse universa gevorderd kunnen worden als dat nodig is. Doorgaans zijn het gewone ruimteschepen, die als oorlogsschepen uitgerust kunnen worden. Het overgrote deel van die ruimteschepen bestaat uit een ruimtevloot van Engelen. Deze Engelen hebben fijnstoffelijke ruimtevaartuigen, die ook wel vuurschepen genoemd worden. Veel van deze voertuigen bevinden zich achter het MCS. Deze machtige ruimteschepen pendelen regelmatig tussen het MCS en alle andere plaatsen in het universum, waaronder de aarde en de bewustzijnsringen van de diverse planeten. Het Galactisch Commando is een soort Unie ofwel samenwerkingsverband van Kosmische- en Planetaire Meesters en vooral van Engelen, die andere wezens voor dit Commando kunnen inschakelen. Ze worden bijgestaan door de 3 eerder genoemde mensen, die in een driehoeksverhouding samenwerken. Deze 3 mensen zijn aan de wet van reïncarnatie onderworpen. Ze maken deel uit van het geslacht van Sananda. De oudste van hen wordt ook wel Ashtar genoemd. Deze heeft onder de bezielende leiding van Sananda doorgaans het bevel over het gehele Galactisch Commando en over het commandoschip (vuurschip) van Ashanata.
Bij afwezigheid van Ashtar worden zijn werkzaamheden overgenomen door 1 van de 2 andere mensen, die op dat moment in het universum zijn. Deze 3 mensen hebben onder het opperbevel van Sananda doorgaans ook de leiding over de Plejadische legers, die uit Engelen en mensen bestaan. Deze legers vallen onder Sananda, omdat hij de leider van de Pleijaden is. Elk universum heeft zo zijn eigen legers, die deel uitmaken van het Galactisch Commando. Deze legers worden bijna altijd aangevoerd door de Meesters en Engelen, die verantwoordelijk zijn voor de orde en veiligheid in dat deel van het universum. De Kosmische- en Planetaire Meesters en Engelen houden rekening met de vrije wil van de diverse wezens en proberen de legers van de Anderen, die de natuurwetten tarten, in toom te houden. De Planetaire Engelen zijn die Engelen, die bij een bepaalde planeet horen en voor die planeet verantwoordelijk zijn. Ze worden onderverdeeld in Oerkrachten, Aartsengelen en Engelen.

De oerknal

Nadat de 4 Oerwezens en de 24 Koningen uit de Al-energie waren voortgekomen, heeft deze Al-energie na verloop van tijd energieën van de Moederschoot laten uitwijken naar de verste uithoeken van het universum. Het was op dat moment vooral een explosie van alle denkbare materie en energieën, waaronder nulpuntenergie. Deze nulpuntenergie werd met hulp van Ashanata door het gehele universum getransporteerd. Hierdoor ontstond het veld van de nulpuntenergie met zijn golven van subatomaire deeltjes (kwantumdeeltjes). Het veld van de nulpuntenergie en de golven van subatomaire deeltjes (kwantumdeeltjes) worden nog uitgebreid behandeld. Op het moment van de oerknal was er in het universum sprake van een verblindend Licht, dat zich naar alle kanten uitbreidde. Dit Licht heb ik mogen zien en de explosie heb ik gehoord. Wat ik mocht zien en horen was onbeschrijfelijk. De explosie was de ontlading van de energie van de Moederschoot, die in de Al-energie (Schepper) gebundeld was. Op deze wijze schiep Hij vanuit de Moederschoot het universum, dat wij kennen. Hij had vanuit Zichzelf, dat het Galactisch Centrum van het hele universum is, leven gegeven aan een oneindigheid van mogelijkheden. Op deze wijze bracht Hij door de Moederschoot ofwel het hele universum fijnstoffelijke- en grofstoffelijke materie, energie, straling en alle soorten bewustzijn voort, waar wezens als Ashanata et cetera op voort konden borduren. Door een ontploffing van alle materie, energie en straling, die bij elkaar gebracht en samengeperst waren in een oeratoom met een doorsnee van zo’n honderd miljoen kilometer ontstond uit de Moederschoot het universum, dat wij kennen.

De oerknal was een feit. Het uitstoten van de diverse stoffen gebeurde echter niet gelijkmatig, waardoor er zich clusters en centra van materie, energie, straling, informatie etcetera in het universum konden vormen. Op de plaats van de ontploffing ontstond het grootste zwarte gat van het universum. Het zwarte gat werd met 10 procent van de energie, materie, straling en informatie van het oeratoom gevoed. De overige energieën, materie en straling werden uitgestoten (90%). Het ontstane zwarte gat zendt in tegenstelling met de zienswijze van veel wetenschappers ook energierijke deeltjes en stralen uit, die zijn voortgebracht in zijn zeer sterke gravitatieveld. Na de oerknal ontstond dus eigenlijk het universum zoals wij dat nu kennen. Onze aarde maakt daar ook deel van uit. Zij is ongeveer 4 tot 5 miljard jaar oud en maakt met de zon en de 9 planeten weer deel uit van een melkwegstelsel. Elk melkwegstelsel heeft zijn eigen Galactisch Centrum ofwel eigen middelpunt. De diverse Galactische Centra zijn ontstaan door explosies van materie. Na de oerknal zijn nog vele explosies gevolgd, waardoor de diverse melkwegstelsels konden ontstaan. Deze melkwegstelsels bevatten altijd een zeer dichte kern, waarna een uitdijing plaatsvindt als gevolg van de explosies. Door deze explosies ontstonden de quasars en pulsars. Het galactische vuurwerk is altijd in de kernzone van een melkwegstelsel geconcentreerd. Ons Galactisch Centrum ligt op een afstand van ongeveer 26.000 lichtjaar van onze zon. Het is te vinden bij het sterrenbeeld Schorpioen. Het middelpunt van onze Melkweg bevindt zich in de richting van het sterrenbeeld Schutter ofwel Boogschutter.

Elk Galactisch Centrum is direct met een sterrenpoort ofwel zon verbonden. Een sterrenpoort regelt onder andere het vervoer van energie en informatie. Dit wordt uiteraard nog verder uitgelegd. Door de aanwezigheid van sterrenpoorten, quasars en pulsars kon in elk Galactisch Centrum een computersysteem ontwikkeld worden. Deze computersystemen zijn kopieën van het Multipoint Computer Systeem, dat je ook wel als het Centrale Computer Systeem van het universum kan beschouwen. Dit machtige systeem wordt nog besproken. De systemen zijn zelfdenkend. Dit houdt in, dat de systemen zelfstandig informatie kunnen beoordelen en uitzenden. Bij zelfdenkende systemen, dus ook bij het Multipoint Computer Systeem, is een soort harteklop te voelen. De Engelen van Ashanata, die de Machten van Ashanata genoemd worden, hebben de Galactische Computer Systemen uit de Moederschoot tot stand gebracht. De Machten van Ashanata hebben ook het beheer over de Galactische Computer Systemen en houden de informatie goed in de gaten. Ze hebben diverse codes van het leven in de computers verwerkt. Alle Galactische Centra en Computer Systemen zijn door middel van een sterrenpoort in de directe omgeving van een Galactisch Centrum van een melkwegstelsel met elkaar verbonden en kunnen zo informatie uitwisselen. Als de informatie zeer belangrijk is, wordt deze doorgezonden naar het Multipoint Computer Systeem. Alle Galactische Computer Systemen staan in contact met het Multipoint Computer Systeem. Je kunt er van uit gaan, dat alle informatie die voor het universum van belang is altijd in computers bewaard wordt. Hoe komen de Galactische Computer Systemen aan hun informatie? De Galactische Computers filteren de informatie uit het universele veld van de nulpuntenergie en uit de morfogenetische velden van de diverse zonnestelsels binnen het melkwegstelsel. De informatie gaat dan via de dimensies, een stelsel van sterren en een netwerk van computerverbindingen naar de Galactische Computers. De diverse wezens en organismen kunnen ook rechtstreeks via het universele veld van de nulpuntenergie, de dimensies etcetera informatie doorseinen naar de diverse Galactische Computers. De eerder genoemde velden bevatten altijd informatie, die uitgezonden is door wezens of andere organismen, zoals planeten en zonnen. In de buurt van de Galactische Computers bevinden zich altijd morfogenetische- en elektromagnetische velden. Deze velden zal ik later nog behandelen. Veel informatie voor de Galactische Computers wordt ook aangeleverd door beschermengelen en dienstengelen binnen de diverse bewustzijnsringen en door andere wezens. Wat beschermengelen, dienstengelen en bewustzijnsringen zijn, wordt zeker nog uitgelegd in het verloop van dit boek. Diverse informatie wordt nadat ze in de Galactische Computer Systemen is opgeslagen nog gescreend door de Machten van Ashanata. Deze bepalen welke informatie naar het Multipoint Computer Systeem gaat en welke in een Galactisch Computer Systeem bewaard moet worden. Een Galactisch Computer Systeem wordt ook wel een Galactische Akasha kroniek genoemd. Hoewel deze Galactische Akasha kronieken ofwel Galactische Computer Systemen heel belangrijk zijn, hebben ze toch niet de potentie van het Multipoint Computer Systeem. De energierijke straling, die nodig is voor een Galactisch Computer Systeem, wordt constant door golven van subatomaire deeltjes (kwantumdeeltjes) van het veld van de nulpuntenergie, het Multipoint Computer Systeem, de diverse sterrenpoorten, quasars en pulsars aangeleverd. Hierdoor is de in- en output van de computer systemen gewaarborgd. Quasars zijn quasi-stellaire radiobronnen, die heel anders zijn dan gewone sterren of dubbelsterren. Quasars stralen onvoorstelbaar grote hoeveelheden energie uit. Het zijn grote, trillende, lichtgevende massa‘s, die te groot zijn om sterren te zijn, maar te klein zijn om een Melkweg te worden genoemd. Pulsars hebben iets weg van Quasars, maar ze hebben de eigenaardigheid, dat ze met constante tussenpozen maximale hoeveelheden energie uitstoten. Door de krachten die op elk Galactisch Centrum inwerken, kunnen zonnen geboren worden en planeten ontstaan.

Elk Galactisch Centrum van een melkwegstelsel kan je als de baarmoeder van dat deel van het universum beschouwen. Alle melkwegstelsels zijn onderling vooral door de Galactische Centra, het universele veld van de nulpuntenergie en de sterrenpoorten van die centra met elkaar verbonden. De verbinding tussen deze stelsels bestaat dan vooral uit een stelsel van sterrenpoorten (zonnen) in de buurt van de diverse Galactische Centra, een netwerk van computerverbindingen, dimensies, morfogenetische velden en diverse teleportatieportalen tussen de sterrenpoorten. De diverse begrippen worden in het boek verder uitgewerkt. Elk zonnestelsel binnen een melkwegstelsel is onlosmakelijk verbonden met zijn kern, die het Galactisch Centrum is. Het universum bestaat uit miljoenen melkwegstelsels, waarin zich altijd een Galactisch Centrum bevindt. Ons eigen melkwegstelsel is in verhouding tot het universum slechts één van de miljoenen stippen, geschilderd op een uitzettende ballon. Elke andere stip stelt een ander melkwegstelsel voor. Als de ballon wordt opgeblazen, rekt het oppervlak uit en de stippen komen verder van elkaar te liggen. Iedereen die zich op een stip van de ballon zou bevinden, zou denken dat de andere stippen zich van hem af verwijderen. Het schijnt, alsof zijn stip het centrum van de uitzetting is, maar dat is slechts een illusie. Iemand op één van de andere stippen zou hetzelfde gevoel hebben, dat hij zich in het centrum bevond. Maar het centrum ligt hier ongeveer 13,7 miljard lichtjaren vandaan (een lichtjaar is ongeveer 9.470.000.000.000 km) en is ongeveer 13,7 miljard jaar geleden ontstaan, dus ver voor onze aarde ontstond. Toen het oeratoom ontplofte werden enkele delen sneller uitgestoten dan andere. Dit zijn de verafgelegen melkwegstelsels, die zich nog sneller bewegen dan de dichterbij gelegen stelsels.

Het universum is nog steeds in beweging en bestaat uit levende organismen, die in wervelingen ontstaan zijn. Deze organismen zijn onder andere de planeten, manen, sterren (zonnen), planetoïden, kometen en meteoren. Het zijn organismen, die een bewustzijn in zich dragen. Ze hebben ook een eigen aura.

Voordat ik met het stuk over “De Oorsprong” en met dit boek begon heb ik vooral door toedoen van Ashanata een reis in ruimte en tijd door het universum en door mijn herinneringen gemaakt. Het eerste dat ik me herinnerde was, dat ik me aan de randen van het universum bevond. Het universum was toen nog donker. Er was geen ster te zien. Toch werd het hele universum gevuld door de Macht van de Al-energie en van Zijn Geest. Toen ik dit `s-nachts in een waak-slaap toestand mocht beleven en lag te overdenken, wat ik eerder door een stelsel van sterrenpoorten had mogen zien, voelde ik op een gegeven moment een Macht en Kracht die mijn verstand en gevoel ver te boven gingen. Het was Ashanata, die ik eerder al als onvoorstelbaar heldere Bol door een stelsel van sterrenpoorten heen had mogen zien. In het midden van de Bol tekende zich een gestalte af. Hij begon tot mij te spreken en maakte zich zelf aan mij bekend. Het leek op dat moment of ik niet meer bestond. Ashanata liet me vanaf dat moment beelden uit het universum zien en gaf mij de informatie, die nodig was om het stuk over “de Oorsprong” te schrijven. Hij wekte in mij de herinneringen, die nodig waren om ook de diverse andere stukken te kunnen schrijven.
Vooral door Ashanata zijn de stukken, die na dit stuk volgen ontstaan. De beelden die Ashanata mij liet zien, leken op een 3-dimensionale film waar ik opeens deel van uitmaakte. De beelden evenals de informatie werden in mijn bewustzijn verankerd. Nadat Ashanata afscheid van mij had genomen, duurde het een hele tijd voordat ik weer bij mijn positieven was. De dagen daarna begon ik aan het schrijven van de diverse hoofdstukken. Met het schrijven heb ik de uiterste zorgvuldigheid in acht genomen en daardoor heeft het meer dan 9 jaar geduurd voordat het boek klaar was.

Hoofdstuk 2
De Al-energie en Ashanata in relatie met de ziel

Oorspronkelijk komt alles dat leeft en beweegt voort uit de Moederschoot. Dit geldt ook voor de ziel, die in de meeste gevallen door de Al-energie, Ashanata en de Machten van Ashanata wordt gecreëerd. Zij kunnen heel gemakkelijk zielen tot ontwikkeling brengen, omdat in Hen een enorme kracht van de Moederschoot ligt opgeslagen. Het zijn vooral de Al-energie, Ashanata en de Machten van Ashanata, die veel levensvormen uit de Moederschoot tot stand hebben gebracht en die bepaalde levensvormen nog steeds verder ontwikkelen. De Machten zijn Engelen, die door Ashanata geschapen zijn en die aan alles wat ontstaat een eigen en passende vorm geven. Zij zijn de mede scheppers van de teleportatieportalen. Aan deze teleportatieportalen is een apart hoofdstuk gewijd. Deze Machten van Ashanata hebben als eerste wezens met een menselijke gestalte, zoals wij die kennen, geschapen. De door de Machten van Ashanata afgesplitste wezens kregen allemaal een fijnstoffelijke gestalte. Later zijn een aantal van deze fijnstoffelijke wezens in een menselijke gestalte gaan functioneren. De Machten van Ashanata zijn naast de Al-energie, Ashanata, de 24 Koningen, Semeël en de Oerwezens scheppende Wezens. Ze baren evenals de andere machtige Wezens alle vormen als het ware uit hun eigen wezen. Toch is al dat Leven oorspronkelijk uit de Moederschoot ontstaan. Het oerbegin van al het leven ligt altijd eerst in de Moederschoot te sluimeren tot het gewekt wordt. De ziel is een onderdeel van die Moederschoot en kan vooral door toedoen van de al eerder genoemde Wezens tot ontwikkeling komen.

De geboorte van nieuwe zielen geschiedt in een werveling van energieën, die zich losmaken van het Wezen, dat hen baart. Dit kan alleen tot stand gebracht worden, als de kracht van de Moederschoot toereikend is. Veruit de meeste energie ligt opgeslagen in de Al-energie en in Ashanata. In de meeste gevallen, zullen de zielen dan uit Hen en door Hen tot stand komen. De Al-energie die in wezen de Bron van de Moederschoot is, dient dan als hoofdverwekker van de zielen. De zielen die door Hem tot aanzijn komen, zijn allen door zijn Liefde ontstaan. Hij heeft Hen allen gewenst. Hoewel ontelbare zielen zich al van de Al-energie hebben afgesplitst en er telkens een kernsplitsing plaats vindt bij het machtigste Wezen van het universum, blijft de kern van de Al-energie toch altijd stabiel en onveranderlijk. Hierdoor kan het proces van afsplitsing gewoon doorgaan en zo kunnen er elke keer weer nieuwe zielen tot ontwikkeling komen. Daar het Wezen van de Al-energie net zoals onze ziel een constante eenheid vormt, kan het niet op dezelfde wijze als Ashanata door de dimensies reizen. Ashanata is door middel van de dimensies in staat om op meerdere plaatsen tegelijk aanwezig te zijn, maar dat geldt niet voor de Al-energie. De Al-energie kan echter wel zijn plaats in het Centrum van het universum verlaten en op reis gaan door de verschillende dimensies, als Hij dat wil. Hij kan door het universum reizen zonder dat Hij opvalt. Op dat soort momenten heeft Hij evenals Ashanata de Macht om zich in diverse vormen te laten zien. Geen enkele vorm is ondenkbaar. Zijn Macht is dan te voelen, maar niet te zien. Als de Al-energie op reis is, kunnen er wel kernsplitsingen vanuit zijn Wezen plaatsvinden. Als dat gebeurt, gaan de zielen direct in een nano seconde (= een miljardste van een seconde) via de dimensies naar de elektromagnetische velden, die zich voor de Troon van Ashanata bevinden. Ze houden daar een tijdje rust totdat Ashanata ze uit hun sluimer wekt. Wanneer er nu zielen uit de Al-energie geboren worden, gebeurt dat doorgaans met 5 zielen tegelijk. Op deze wijze zijn de tweelingbroers en -zusters ontstaan. Uitzonderingen op het scheppen van 5 zielen die tegelijk geschapen worden, zijn de 4 Oerwezens, de 24 Koningen, Semeël en andere wezens, die zielen kunnen afsplitsen. De zielen houden nadat ze uit de Al-energie of uit Ashanata zijn voortgekomen doorgaans hun rust in de elektromagnetische velden van de Moederschoot, die zich voor de Troon van Ashanata bevinden. Tijdens die rustperiode doet de ziel niets anders dan ademen. Hij ademt de Adem in ofwel het Atman (de Geest) waaruit alles is ontstaan. Deze Adem, die Moederschoot en ook wel universele substantie genoemd wordt, dit Bewustzijn, deze Energie, deze Oerkracht is in Ashanata (de Heilige Geest) samengebracht. Als de zielen lang genoeg gerust hebben, worden ze door Ashanata, als Hij vindt dat de tijd daar voor rijp is, uit hun sluimering gewekt. Zielen kunnen ook op een andere manier tot ontwikkeling komen.

De energieën van lichtwezens evenals die van voormalige lichtwezens, kunnen zich namelijk zonder dat een verandering van hun kern optreedt, afsplitsen en nieuwe zielen vormen. Ze kunnen ook een synthese aangaan met zielen, die zich nog niet bewust zijn en liggen te rusten in de elektromagnetische velden van de Moederschoot. Alle hogere fijnstoffelijke wezens, waaronder alle Engelen, hebben de macht om zich als het ware af te splitsen. Deze wezens kunnen ook in elkaar opgaan en zo nieuwe zielen vormen. Op deze manier kan je tot meerdere geslachten behoren. Deze zielen hoeven niet persé in een stoffelijk lichaam te incarneren, als zij dat niet willen. Door afsplitsing van energieën van de diverse hoge Entiteiten zijn de diverse geslachten in het universum ontstaan, maar je kan ook door adoptie in een bepaald geslacht terecht komen. In heel bijzondere gevallen kunnen de zielen zich weer als één ziel samenvoegen. De bekendste afsplitsing is de afsplitsing in een tweelingziel. Elk wezen dat uit de Moederschoot door de Al-energie, Ashanata of andere wezens is voortgekomen, heeft een tweelingziel. Vlak voordat de ziel zich echt bewust wordt en zijn bestemming bereikt, splitst hij zich af en zo ontstaat het fenomeen “tweelingziel”.
De trillingsfrequenties zijn op dat moment nog zo hoog, dat elke ziel dan de macht heeft om zich als het ware af te splitsen. Je bent je van deze tweelingziel niet altijd bewust, omdat de trillingsfrequenties op elkaar afgestemd moeten zijn en dat zijn ze niet altijd. Als dat wel het geval is, dan weet je dat hij of zij bestaat. Je zult hem of haar op een gegeven moment dan zeker ontmoeten of bij je voelen. Samen vormen de tweelingzielen een eenheid en harmonie. Het is het totaal van mannelijke- en vrouwelijke liefde en energie. In de bewustzijnsringen rondom de aarde tref je de tweelingzielen vooral aan in de vijfde bestaanssfeer van de ziel. Dit is ook de sfeer van tweelingbroeders en -zusters. In de bewustzijnsringen rusten de zielen van de overledenen in hun eigen onaardse wereld. De zielen in het universum zijn als druppels in de oceaan van de universele substantie, die voor een groot deel uit nulpuntenergie bestaat. Een ziel bestaat uit tachyonenergie, die door de Al-energie, Ashanata of een ander wezen is afgesplitst. Deze Al-energie is een onuitputtelijke Bron van nulpuntenergie, die deze energie moeiteloos kan omzetten in tachyonenergie. Bij diverse andere wezens in het universum blijft alles zich doorgaans afspelen op het terrein van de tachyonenergie. De tachyonenergie kan eventueel wel omgezet worden in elektromagnetische energie. Andersom kan elektromagnetische energie weer omgezet worden in tachyonenergie.

De betekenis van de nulpuntenergie en van de tachyonenergie wordt duidelijk gemaakt in het hoofdstuk, dat over “Energieën” handelt. Een ziel die voor het eerst in een stoffelijk lichaam incarneert en uit de Al-energie of Ashanata is voortgekomen, wordt door Ashanata dus uit zijn sluimering gewekt. Op dat moment vormt de ziel, die aan zijn evolutieproces gaat beginnen, de geest die bij hem past.

Het ontstaan van de geest is door Ashanata ooit mogelijk gemaakt, omdat Hij door de levensstromen en energieën, die van Hem uitgaan heel veel levensvormen en organismen een kans heeft geboden zich te ontwikkelen. Hiertoe behoren ook de DNA structuren. In veel gevallen ontwikkelen de diverse levensvormen en organismen zich in de elektromagnetische velden of velden, die daar mee verband houden. Zo kan de geest ook uit de diverse elektromagnetische velden van het universum gevormd worden. De ziel zendt als hij de geest wil vormen trillingsfrequenties uit naar het SOEF veld (Subtile Organising Energy Field) van het dichtstbijzijnde elektromagnetische veld van de universele substantie. Wat SOEF`s zijn, wordt verder besproken bij elektromagnetische energie, dat onder het hoofdstuk Energieën valt. De ziel beïnvloedt dit veld zo, dat het als katalysator gaat fungeren, waarna tachyonen, atomen, elektronen, moleculen en dergelijke samen met de DNA structuren als een eenheid gaan functioneren. Er ontstaat zo een goed werkend geheel. Tachyonen zijn subatomaire deeltjes, die altijd deel uitmaken van de elektromagnetische energie. Ze ontstaan in de diverse velden van het universum altijd eerder dan de atomen, elektronen en moleculen. De tachyonen kunnen als ze door de geest geactiveerd worden een snelheid krijgen, die ver boven de lichtsnelheid ligt. De ziel wordt vervolgens samen met de geest aangetrokken door trillingsfrequenties die bij hem passen. De ziel fungeert als voertuig van de geest en wordt met de geest, als hij afkomstig is van de elektromagnetische velden rondom Ashanata, door het Multipoint Computer Systeem en een stelsel van dimensies en sterrenpoorten via het Galactisch Centrum van ons melkwegstelsel naar het wezen gezonden, dat in een stoffelijk lichaam gaat functioneren. Als de evoluerende ziel samen met de geest dan de ouders heeft gevonden bij wie hij wil verblijven, dan wacht hij op het moment van de bevruchting om elke cel van het door de geest te vormen lichaam te vullen met zijn kracht en energie. Toch maakt de ziel op dat moment nog niet echt deel uit van het stoffelijk lichaam. Voordat de bevruchting plaats heeft, weet de geest met hulp van de aan jou toevertrouwde beschermengel hoe het stoffelijk lichaam er uit gaat zien. Hij maakt namelijk met de hulp van die beschermengel een blauwdruk van het stoffelijk lichaam en kent daardoor de informatie (vooral genetische informatie) en energie, die nodig is voor de opbouw van het te vormen lichaam, dat zich in het begin als embryo laat zien in de moederschoot. Als het embryo eenmaal gevormd is, bouwt de geest het lichaam door een groot aantal delingen van de bevruchte eicel op. Alle gevormde cellen in het lichaam weerspiegelen de macrokosmos in het klein. De mens is namelijk opgebouwd uit ontelbare zespuntige sterren. Zo bevinden zich ook alle kleuren met hun oorspronkelijke tonen en geuren in onszelf en op verschillende niveau’s, tonen of octaven, al naar gelang de ontwikkelingsfase van de ziele-eigenschap waaraan we in dit leven dienen te werken. De geest die de celdeling in werking heeft gezet, vormt ook de hersenen ofwel het verstand van de mens. De geest kan op elk punt in het universum uit de elektromagnetische velden van de universele substantie gevormd worden. Als de geest het stoffelijk lichaam gevormd heeft en de evoluerende ziel, die ook wel het Psychische Wezen genoemd wordt, zich definitief in een stoffelijk lichaam gaat vestigen en zich na ongeveer 9 maanden uiteindelijk achter het hart plaatst, dan geeft hij op dat moment zijn meest essentiële informatie door aan de geest. Op het zelfde moment trekt Het Psychische Wezen de nulpuntenergie van de universele Moederschoot aan waardoor het mogelijk wordt, dat het kind dat reeds in de moederschoot door middel van de navelstreng van zijn moeder aan het ademen is, op dat moment de echte “Levensadem” krijgt. De geboorte is dan een feit. Bij deze geboorte zijn de Engelen van geboorte en sterven altijd aanwezig evenals je beschermengel.

Bij de geboorte gaat de Adem van de Moederschoot dan naar het stoffelijk lichaam toe, waarna het Psychische Wezen die Levensadem in het lichaam activeert waardoor het kind in staat is de omringende lucht in te ademen in de longen. Het kind kan zo de Adem van het universum inademen evenals de bijbehorende zuurstof en dergelijke, die ook doordrongen is van de kracht van de Moederschoot. Elk atoom, elk elektron en elk molecuul is doordrenkt met de energie van de Moederschoot, de Al-energie en van Ashanata. Op het moment dat de Levensadem zich in het stoffelijk lichaam gaat manifesteren, worden de Kundalini en het onderbewuste op hetzelfde moment door het Psychische Wezen geactiveerd, waarna het Psychische Wezen het onderbewuste en de Kundalini in het stoffelijk lichaam creëert. De Kundalini en het onderbewuste zijn een ontwerp van Ashanata. Hij is er de schepper van. Ashanata legt in elke evoluerende ziel het ontwerp neer van de Kundalini en het onderbewuste, waarna het Psychische Wezen door een kernfusieproces de Kundalini en het onderbewuste in het stoffelijk lichaam kan vormen. Het Psychische Wezen is op dat moment in staat met hulp van de beschermengel en de Mumin tachyonenergie om te zetten in nulpuntenergie en ook in elektromagnetische energie. Bij de Kundalini wordt in tegenstelling tot het onderbewuste dan tachyonenergie omgezet in nulpuntenergie. Bij het onderbewuste speelt alles zich grotendeels af op het gebied van de tachyonenergie en de elektromagnetische energie.

Zie voor de diverse energiesoorten het hoofdstuk “Energieën”.

Bij het kernfusieproces in het stoffelijk lichaam, waarbij de Kundalini en het onderbewuste gevormd worden, wordt het Psychische Wezen geholpen door een katalysator, die Mumin heet. Deze Mumin maakt deel uit van het onderbewuste en wordt direct door het Psychische Wezen gevormd als de nieuw geborene de Levensadem inademt. De Mumin is daarna in staat de energieën zo om te zetten, dat de Kundalini en het onderbewuste daadwerkelijk ontstaan. De Mumin wordt verder behandeld bij “nadere uitwerking van het onderbewuste”. In elk Psychisch Wezen ligt dus het geheim van de Kundalini en het onderbewuste besloten. Ashanata heeft het mogelijk gemaakt, dat het Psychische Wezen de Kundalini en het onderbewuste in het stoffelijk lichaam verder kan ontwikkelen. De Kundalini maakt in tegenstelling tot het onderbewuste evenals de Levensadem deel uit van de Adem van de universele Moederschoot. De Levensadem en de Kundalini bestaan beiden uit nulpuntenergie. Als een mens of een ander wezen in een stoffelijk lichaam zijn laatste adem uitblaast, dan gaan deze Levensadem en Kundalini terug naar de universele Moederschoot en gaan weer deel uitmaken van de nulpuntenergie. Elke keer als een wezen geboren wordt, komen de Levensadem en de Kundalini via het Psychische Wezen weer naar het stoffelijk lichaam toe. De Kundalini wordt verder besproken bij “Bewustzijn”.

Zie ook de hoofdstukken “Het Psychische Wezen en het Centrale Wezen”, “De geest van de diverse wezens in het universum” en “Bewustzijn” om een totaalbeeld te krijgen van de evoluerende ziel en de geest.





Related Products

herinneringen-aan-overmorgen

herinneringen-aan-overmorgen

€ 21,50
gouden-boek-van-melchizedek-deel-2

gouden-boek-van-melchizedek-deel-2

€ 21,00
Gouden boek van Melchizedek deel 1

Gouden boek van Melchizedek deel 1

€ 21,00
1 2

Anay Vof
Aert van Nesstraat 1- Kamer O op 3e verdieping Capelle West, 2901 BH Capelle aan den IJssel
telefoon 010 70 70 008 Mobiel (+WhatsApp) centrum 06 36 01 50 53
In een kantoor gebouw, boven de fitness, ingang op nummer 1. Als de deur dicht is, bel bij de brievenbussen,
Copyrights  © 1986- alle rechten / All Rights Reserved, By Anay vof KvK Rotterdam 24267162
Op deze site staan foto's vanaf 1993 van de verschillende locaties waar we geweest zijn en nu zijn en van
unsplash.com
Wij doen ons best maar kunnen wij niet instaan voor de juistheid of volledigheid van alle informatie.
AVG, we plaatsen geen trackings cookies e.d daarhouden we zelf ook niet van en we verkopen ook niet jouw gegevens, we zouden wel gek zijn 
 Heb je verbetervoorstellen, ontdekt je taal fouten, heb je tips? Laat ze ons weten!
Powered by Anay ICT
We houden ons aan alle wettelijke regels